
5 min lezen
Kruipend zenegroen
Ajuga reptans
Kruipend zenegroen (Ajuga reptans) is een inheemse bodembedekker uit de lipbloemenfamilie. Uit de rozetten groeien uitlopers over de grond, en zo ontstaat een lage mat die in de winter groen blijft. Van april tot juni staan er korte aren met blauwpaarse bloemen boven. De plant houdt van vochtige grond met humus en een plek in halfschaduw of schaduw.
In het kort
| Kenmerk | Kruipend zenegroen |
|---|---|
| Hoogte | 7 tot 30 cm |
| Breedte | 0,5 tot 1 m per plant, kruipt verder uit |
| Volgroeid na | 2 tot 5 jaar |
| Zon | Halfschaduw tot schaduw |
| Grond | Vochtig, met humus |
| Water | Gemiddeld |
| Onderhoud | Weinig: niet snoeien, alleen uitlopers inperken |
| Bloei | April tot juni, blauwpaars |
| Voor bijen | Ja: nectar en stuifmeel, april tot juni |
| Hooikoorts | Niet of zwak allergeen |
| Blad | Blijft groen |
| Winterhard | Ja |
| Inheems | Ja |
| Giftig | Niet giftig |
| Prikt of brandt | Nee |
| Prijs jong | Ongeveer € 2,50 tot € 3,79 per stuk, 5-10 cm, in een kleine pot |
| Prijs groot | Ongeveer € 7,95 per stuk, in een grote pot |
- Blad
- het hele jaar
- Bloei
- april t/m juni
- Vrucht
- geen opvallende vruchten

Blad 
Bloei
Hoe herken je deze plant?
Kijk eerst naar het blad op de grond. De onderste bladeren vormen samen een rozet. Elk blad heeft een steel en is spatelvormig: smal bij de steel, breed en rond aan de top. De rand is glad of zwak gegolfd. Aan de vierkante stengel staan de blaadjes in paren, kruislings boven elkaar. Naar boven toe worden ze kleiner, en vaak zijn ze blauwig aangelopen.
De stengel is meestal alleen aan twee tegenover elkaar liggende kanten behaard. De bloemen zijn blauwpaars, soms roze of wit, en 1 tot 1,7 centimeter groot. In kransjes van twee tot zes staan ze boven elkaar langs de aar. De bovenlip is vrij klein, dus vooral de brede onderlip valt op. Na de bloei vormen zich kleine nootjes.
De plant die er het meest op lijkt, is hondsdraf. Die heeft ook kruipende stengels en blauwpaarse bloemen. Toch is het blad van hondsdraf niervormig of bijna rond, met een gekartelde rand. Kwekerijen verkopen ook de kweekvorm 'Atropurpurea'. Het hele jaar heeft die bronspaars blad, waar de wilde plant donkergroen blad heeft.
Standplaats: waar groeit deze soort het best?
Kruipend zenegroen groeit het best in halfschaduw of volle schaduw. Halfschaduw is een plek met drie tot zes uur directe zon per dag rond midzomer. In de zon gaat het alleen goed als de grond vochtig blijft. Klei en leem zijn prima, liefst met veel humus erin. Blijft zware klei lang nat, kies dan een andere plek. In de natuur staat de soort in bossen, langs bosranden, in bermen en in vochtig grasland.
Op deze plekken heb je er weinig plezier van:
- Een droge border in de volle zon. Bij lange droogte lijdt de plant zichtbaar. Het blad wil een bodem die vocht vasthoudt.
- Een pad waar je elke dag loopt. Het blad kan slecht tegen betreding.
- Vlak naast het gazon of een border met vaste planten. De uitlopers kruipen erin, en daar krijg je ze lastig weer uit.
In de winter houdt de mat zijn donkergroene blad.
Hoeveel plek er onder je struiken of langs de schutting is, meet je na op een kaart van je eigen kavel in de app. Die kavel komt uit het Kadaster en ligt op schaal, met de gebouwen van de buren erbij.
Planten en verzorgen
Kwekerijen verkopen kruipend zenegroen als jong plantje in een pot. Zo'n pot mag het hele jaar de grond in, zolang de bodem niet bevroren is. Zet de plantjes zo'n 30 centimeter uit elkaar, dat zijn er ongeveer 12 per vierkante meter. Op de eerste dag zie je vooral kale aarde. Dat lijkt ruim, maar de uitlopers groeien de open plekken vanzelf dicht. Geef in de eerste zomer water in droge weken.
Snoeien hoeft niet. Er zijn twee klusjes:
| Wanneer | Wat je doet |
|---|---|
| Als een uitloper te ver kruipt | Knip hem los en trek hem uit |
| Als de mat te vol wordt | Graaf een stuk uit en plant de bewortelde stengels elders |
Groeit de mat onder een heg of struik, let dan op de broedtijd. Veel vogels broeden van maart tot en met juli.
Wat als het misgaat?
Er ligt een wit, poederig laagje op het blad. Dat is meeldauw, een schimmel. Een plant die telkens droog staat, krijgt het sneller. Geef daarom water in droge periodes, en ruim aangetast blad op.
Plukken verwelken ineens, en de stengels worden bruin of zwart. Dat is kroonrot, een schimmelziekte. Zware, natte grond en een te volle mat maken de kans groter. Haal de zieke planten weg, met de grond eromheen. Dun een dichte mat om de paar jaar uit.
Het blad verwelkt in een droge zomer. De grond onder de mat is dan uitgedroogd. Geef water tot de aarde weer vochtig aanvoelt.
Wat hebben vogels en insecten eraan?
In kalkgraslanden drinkt de aardbeivlinder nectar uit kruipend zenegroen. Deze dagvlinder vliegt van half april tot half juni en is zeldzaam in Nederland. Het bruin dikkopje bezoekt maar zelden bloemen. Doet dit vlindertje het wel, dan kiest het lage kruiden, zoals kruipend zenegroen. In ons land is het bruin dikkopje uiterst zeldzaam geworden.
Een vogel die kruipend zenegroen gebruikt, is niet met naam beschreven.
Giftig of eetbaar?
Kruipend zenegroen staat niet bekend als giftig. Eetbaar is de plant daarmee nog niet. Prikken doet hij ook niet: stengels en blad zijn zacht behaard.
De foto's op deze pagina zijn met AI gemaakt, naar echte foto's en beschrijvingen van deze plant.
Veelgestelde vragen
Hoe hoog wordt kruipend zenegroen?
Het blad ligt vlak op de grond. Met de bloeiaren erbij wordt kruipend zenegroen 7 tot 30 centimeter hoog.
Breidt kruipend zenegroen zich uit?
Ja. De plant maakt lange uitlopers die over de grond kruipen en onderweg nieuwe rozetten vormen. Eén plant wordt 0,5 tot 1 meter breed. Knip de uitlopers los waar ze te ver gaan.
Is kruipend zenegroen giftig?
Nee, kruipend zenegroen staat niet bekend als giftig. Eetbaar is de plant daarmee nog niet.
Groeit kruipend zenegroen in de schaduw?
Ja. Halfschaduw en volle schaduw zijn allebei de beste plek. Halfschaduw betekent drie tot zes uur directe zon per dag rond midzomer. In de zon lukt het alleen als de grond vochtig blijft.
Is kruipend zenegroen een inheemse plant?
Ja. Kruipend zenegroen is oorspronkelijk inheems in Nederland. Je vindt de soort hier in bossen, langs bosranden, in bermen en in vochtig grasland.
Bronnen (24)
- Duistermaat, Sparrius & Denters, Standaardlijst van de Nederlandse flora 2020 (Gorteria 43)
- NDFF Verspreidingsatlas — Ajuga reptans
- NDFF Verspreidingsatlas — Glechoma hederacea
- Flora van Nederland — Kruipend zenegroen
- RHS — Ajuga reptans (bugle)
- RHS — Ajuga reptans 'Atropurpurea'
- RHS — Shade gardening (definities zon en schaduw)
- RHS — Powdery mildews
- Missouri Botanical Garden — Ajuga reptans
- Melinda Myers — Crown rot causing sudden wilting and death on ajuga
- PFAF — Ajuga reptans
- Imkerpedia — Drachtplanten
- Pollennieuws / Flora van Nederland — Aandachtspunten hooikoorts vriendelijke tuin
- De Vlinderstichting — Aardbeivlinder
- De Vlinderstichting — Bruin dikkopje
- Vogelbescherming — Snoeien in het broedseizoen, mag dat?
- Antigifcentrum — Weinig of niet giftige planten
- Heijnen Planten — Ajuga reptans (prijs en planttijd)
- Heijnen Planten — Ajuga reptans 'Atropurpurea'
- Natuurlijk Sterker — Ajuga reptans (prijs)
- PlantBezorgd — Ajuga reptans (prijs)
- Yarinde — Kruipend zenegroen (plantafstand)
- Wikimedia Commons — Blad: foto van Tournasol7 (CC BY 4.0)
- Wikimedia Commons — Bloei: foto van AnRo0002 (CC0)


